Ecologische toestand Grevelingenmeer geleidelijk slechter

Er zit steeds minder zuurstof in het water van het Grevelingenmeer. Het lage zuurstofgehalte is dodelijk voor een groot deel van het dieren- en plantenleven in diepere delen van het meer. Het probleem wordt geleidelijk ernstiger. In de periode juli-augustus 2010 is grote sterfte van het bodemleven waargenomen.

In opdracht van Rijkswaterstaat zijn de afgelopen maanden metingen naar de waterkwaliteit gedaan door experts van Bureau Waardenburg. De conclusies worden besproken op de Grevelingenconferentie van 18 oktober 2010.

Zuurstofloos
Het Grevelingenmeer is een belangrijk natuurgebied en het grootste (110 km2) zoutwatermeer van Europa. Het ligt op de grens van Zeeland en Zuid-Holland tussen de eilanden Schouwen-Duiveland en Goeree-Overflakkee. Het meer is in 1971 ontstaan toen de voormalige zeearm de Grevelingen in het kader van de Deltawerken werd afgesloten van de Noordzee. Sindsdien gaan de condities voor natuurlijk leven in het meer gestaag achteruit. De afgelopen jaren was al vastgesteld dat het water op verscheidene plaatsen op diepten van meer van 10 meter zuurstofloos is. Dat was ook de waarschijnlijke oorzaak van oestersterfte in 2005 en 2006. Deze zomer is vastgesteld dat zuurstofloos water in een deel van het meer al voorkomt
op diepten vanaf 5 à 6 meter. Het probleem breidt zich dus nog steeds uit. Het doet zich vooral in de zomer voor, wanneer de temperaturen hoger zijn. Vissen zijn gevoelig voor lage zuurstofconcentraties, maar zij kunnen naar plaatsen zwemmen, waar nog voldoende zuurstof in het water zit. De gevolgen van zuurstofloosheid zijn vooral groot voor organismen die op de bodem leven, zoals anemonen, wormen, schelpdieren, krabben en kreeften. Zij overleven het vaak niet. De effecten op deze populaties zijn niet onomkeerbaar, maar het herstel van deze gemeenschappen kan wel enkele jaren duren.

Herstellen getij
Het nieuwe onderzoek is een onderdeel van de MIRT-Verkenning Grevelingen2, die wordt gedaan op initiatief van de rijksoverheid en regionale overheden. De Verkenning richt zich op de vraag of het water in
de Grevelingen weer gezond kan worden door grote doorlaatopeningen te maken in de Brouwersdam (de afsluiting van de Noordzee) en eventueel de Grevelingendam (de afsluiting van de grote rivieren). Een afsluitbare opening is technisch mogelijk en zou kunnen worden gecombineerd met een energiecentrale, die elektriciteit opwekt uit het in- en uitstromende water. Voorlopige resultaten van de MIRT-Verkenning Grevelingen worden gepresenteerd en besproken op de Grevelingenconferentie op 18 oktober 2010.