Tientallen vrijwilligers zetten zich in voor voedselhulp op Goeree-Overflakkee
Zaterdag 18 april 2026
De Voedselbank Goeree-Overflakkee ondersteunt jaarlijks tientallen huishoudens die moeite hebben om rond te komen. De organisatie draait volledig op vrijwilligers en verdeelt voedseloverschotten uit de regio. In het radioprogramma Op de Hoagte vertellen vrijwilligers Martin Ista en Jan van der Sluis hoe de voedselbank werkt.
De voedselbank verzamelt voedseloverschotten en verdeelt die onder mensen die het financieel moeilijk hebben. Jan van der Sluis legt het principe uit: “In de basis brengen we het overschot aan voedsel dat ontstaat bij winkels, bij boeren, bij… noem maar op, samen bij de tekorten van mensen die het even niet kunnen betalen.” Om dat mogelijk te maken beschikt de voedselbank over een netwerk van leveranciers, waaronder supermarkten, boeren en distributiebedrijven. Daarnaast wordt samengewerkt met andere voedselbanken in de regio, onder meer door producten te ruilen. Op Goeree-Overflakkee zijn bijvoorbeeld relatief veel aardappelen en uien beschikbaar, terwijl andere voedselbanken juist meer zuivelproducten ontvangen.
Vrijwilligersorganisatie
De organisatie draait volledig op vrijwilligers. In totaal zijn er ongeveer tachtig mensen actief, met uiteenlopende taken: van chauffeurs die voedsel ophalen tot vrijwilligers die pakketten samenstellen en uitdelen. Van der Sluis benadrukt dat niemand betaald krijgt: “Elke voedselbank in heel Nederland heeft in haar statuten staan dat geen enkele vrijwilliger betaald wordt. Het enige wat je mag, is je reiskosten declareren. En dat doet bijna niemand.”
De voedselbank heeft onder meer chauffeurs die meerdere dagen per week voedsel ophalen, vrijwilligers die pakketten inpakken en parkeerwachters tijdens de uitgifte. Ook zijn er zogenoemde loodsbazen die verantwoordelijk zijn voor de opslag, het sorteren van voedsel en het bewaken van de houdbaarheid.
Ontstaan vanuit de kerk
De Voedselbank Goeree-Overflakkee is ontstaan vanuit een initiatief binnen een kerkelijke gemeenschap op het eiland. Vrijwilligers bezochten een voedselbank in Rotterdam en besloten het concept lokaal op te zetten. In het begin werden slechts vier voedselpakketten uitgedeeld, vanuit de garage van een bestuurslid. In de loop der jaren groeide de organisatie. Tijdens de coronaperiode lag het aantal cliënten op het hoogste punt, met 95 huishoudens die gebruikmaakten van de voedselbank. Inmiddels ligt dat aantal lager, maar de behoefte aan voedselhulp blijft bestaan.
Toegang tot voedselhulp
Mensen kunnen niet zomaar een voedselpakket ophalen. Er is altijd een hulpverleningstraject nodig. Martin Ista legt uit: “Het principe van de voedselbank is dus: geen traject, geen pakket. Dat betekent dat iemand die in de problemen zit, zich moet wenden tot een hulpverlener. Die gaat kijken wat je inkomsten zijn en wat je uitgaven zijn. Als blijkt dat je geen geld over hebt om eten te kopen, dan kan er een aanvraag worden gedaan.”
De aanvraag wordt beoordeeld aan de hand van landelijke normen die zijn opgesteld in samenwerking met het Nibud. Daarbij wordt gekeken naar het bedrag dat iemand overhoudt na vaste lasten: het zogenoemde vrij te besteden bedrag. Als dat onder een bepaalde norm ligt, komt iemand in aanmerking voor voedselhulp. Een toekenning geldt in eerste instantie voor drie maanden, waarna opnieuw wordt bekeken of verlenging nodig is.
Samenstelling van de voedselpakketten
De inhoud van de voedselpakketten verschilt per week, omdat de voedselbank afhankelijk is van donaties. Wel proberen vrijwilligers ervoor te zorgen dat er complete maaltijden kunnen worden samengesteld. Ista zegt hierover: “Wij proberen in de pakketten een complete maaltijd te krijgen. Dus dat er rijst in zit, een stukje vlees, groenten en aardappelen, zodat je één of meerdere maaltijden kunt samenstellen.”
Gezinnen ontvangen grotere pakketten dan alleenstaanden. Grote gezinnen kunnen meerdere pakketten per week krijgen. Soms kiezen alleenstaanden ervoor om eens per twee weken een pakket te ontvangen, omdat de hoeveelheid voedsel groot kan zijn.
Voedselveiligheid en houdbaarheid
Voedselveiligheid speelt een belangrijke rol binnen de organisatie. De voedselbank werkt volgens voedselveiligheidsregels en wordt jaarlijks gecontroleerd. Voor sommige lang houdbare producten gelden uitzonderingen op de houdbaarheidsdatum.
Van der Sluis legt uit: “Van de NVWA bestaat de zogenoemde Bijlage 76. Daarin staan de uitzonderingen voor charitatieve instellingen. Bijvoorbeeld rijst met een THT-datum van vandaag; dat mogen we nog tot een jaar later uitgeven.” Voor verse producten gelden die uitzonderingen niet; die worden nooit na de houdbaarheidsdatum uitgedeeld.
Financiën en kosten
Hoewel het voedsel wordt gedoneerd, heeft de voedselbank wel kosten. De organisatie beschikt over een loods en een bus die meerdere dagen per week rijdt. Ook zijn er kosten voor energie, onderhoud en materiaal. Volgens Van der Sluis heeft de organisatie een jaarlijkse begroting van ongeveer 30.000 euro: “Los van al het voedsel dat we krijgen, hebben wij ongeveer een omzet van 30.000 euro per jaar.”
Dat bedrag wordt onder meer gebruikt voor de huur van het pand, brandstof voor de bus, energie voor koelingen en vriezers en onderhoud van materiaal.
Ondersteuning, geen volledige voorziening
De voedselbank benadrukt dat de pakketten bedoeld zijn als ondersteuning en niet als volledige vervanging van boodschappen. Ista zegt daarover: “Wij zeggen altijd: we ondersteunen het gezin. We kunnen nooit het volledige bedrag aan boodschappen overnemen. We bieden ondersteuning.”
Beluister nu via podcast diensten zoals Spotify, Google Podcasts en Apple Podcasts.
📧 Mail naar redactie@omroeparchipel.nl
📞 Bel naar 0187-682630
💬 Stuur een WhatsAppje naar 0187-609512
Zie je een fout in dit artikel, werkt iets niet goed of kom je een advertentie tegen die niet klopt? Laat het ons weten via redactie@omroeparchipel.nl. We kijken er graag naar.